Schaden
Hulpwerkwoord
hebben
overgankelijk werkwoord (heeft een lijdend voorwerp nodig)
Het werkwoord 'schaden' betekent dat iets of iemand negatieve gevolgen ondervindt, vaak op een niet-fysieke manier (bijv. reputatie, gezondheid). Voor fysieke schade wordt vaak 'beschadigen' gebruikt.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De rook schaadt de gezondheid van de kinderen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
De overstroming heeft veel gewassen geschaad.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Als je te veel drinkt, schaad je je lever.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Men vreest dat de nieuwe weg het natuurgebied zal schaden.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.