🇳🇱
deZelfstandig naamwoord

Enkelvoudsvormen

Schaal is een zelfstandig naamwoord en kan een onbreekbare of breekbare kom of bord zijn.

Bepaald (de/het)
de schaal
"De schaal is breekbaar."
Onbepaald (een)
een schaal
"Ik heb een schaal gekocht."
Zonder lidwoord
schaal
"De schaal is groot."

Meervoudsvormen

Schalen zijn de meervoudsvorm van schaal.

Bepaald (de)
de schalen
"De schalen staan op de tafel."
Zonder lidwoord
schalen
"Er zijn verschillende schalen."

Verkleinwoord

schaaltje
"Dit is een schaltje voor de saus."

Diminutief maakt het woord vriendelijker en kleiner.

informal

Veelgebruikte samenstellingen

  • schaalmodel

    "Hij heeft een schaalmodel van het vliegtuig gemaakt."

    een model in dezelfde verhouding als het origineel

  • schaalvergroting

    "Schaalvergroting kan leiden tot hogere efficiëntie."

    het vergroten van iets in verhouding

Veelgebruikte woordcombinaties

  • schaal en mes

    "Je moet een schaal en mes gebruiken om de salade te snijden."

    Deze combinatie is gebruikelijk bij koken.

  • schaal van 1 tot 10

    "Beoordeel het op een schaal van 1 tot 10."

    Dit is een veelgebruikte uitdrukking voor beoordelen.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Schaal is een telbaar woord.
  • usage:Meestal gebruikt in de context van serviesgoed, koken of meten.
  • register:Formeel in situaties waarin precisie belangrijk is, zoals wetenschap; informeel in alledaagse gesprekken.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.