Schipperen
Hulpwerkwoord
hebben
onovergankelijk werkwoord
Het werkwoord 'schipperen' betekent het balanceren tussen verschillende opties, taken of verplichtingen, vaak zonder een duidelijke keuze te maken.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik schipper vaak tussen mijn studie en mijn bijbaan.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Gisteren heb ik de hele dag tussen verschillende taken geschipperd.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Schipper niet te veel, kies gewoon één optie!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Als hij wat minder zou schipperen, zou hij meer gedaan krijgen.
onvoltooid verleden toekomende tijd, aantonende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.