NEDERLANDS
🇳🇱

Schokken

WerkwoordA2

Hulpwerkwoord

hebben

zwak werkwoord

Het werkwoord 'schokken' kan zowel fysieke beweging (bijv. van schrik) als emotionele impact (bijv. geschokt zijn) uitdrukken.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Voorbeelden

  • De aardbeving liet de grond schokken.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij schokte toen ze het hoorde.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Ik ben geschokt door wat je net zei.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Het schokkende rapport werd gisteren gepubliceerd.

    onvoltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.