Bijvoeglijk naamwoord
Attributieve vormen
Als je zegt 'de schuldige persoon' of 'een schuldige situatie', gebruik je 'schuldige' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- de schuldige
- "De schuldige kreeg een straf."
- Met onbepaald lidwoord
- een schuldige
- "Er is een schuldige voor de criminelen."
- Zonder lidwoord
- schuldig
- "Hij is schuldig aan de misdaad."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'schuldig': De verdachte is schuldig.
Vergrotende trap
Als je meer dan één persoon of ding vergelijkt, gebruik je 'schuldiger': Deze persoon is schuldiger dan die ander.
- Grondvorm
- schuldiger
- "Zij is schuldiger dan haar broer."
- Met "dan"
- schuldiger
- "De schuldiger van de diefstal is nooit gevonden."
Overtreffende trap
Om de hoogste graad van schuld aan te geven, gebruik je 'de schuldige': Hij is de schuldige van het grootste misdrijf.
- Attributief
- de schuldige
- "Hij is de schuldige van het grootste geheim."
- Predicatief
- schuldigst
- "Hij is de schuldigst van allemaal."
Belangrijke opmerkingen
- usage:Het woord 'schuldig' kan ook als adjectief gebruikt worden in de juridische context.
- irregular:Bij de vergrotende trap is 'schuldiger' onregelmatig en heeft een specifieke betekenis.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.