Scoren
Hulpwerkwoord
hebben
regelmatig werkwoord
Het werkwoord 'scoren' wordt vaak gebruikt in de context van sporten, maar kan ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld bij het behalen van succes of punten in een spel of examen.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik scoor vaak tijdens voetbalwedstrijden.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft gisteren twee doelpunten gescoord.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Als je nu scoort, winnen we de wedstrijd!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hoewel hij moe was, scoorde hij toch nog een punt.
verleden tijd, aantonende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.