Simpel
Attributieve vormen
Als je 'simpel' voor een zelfstandig naamwoord zet, gebruik je meestal 'simpele'. Bijvoorbeeld: 'een simpele vraag' of 'de simpele oplossing'. Voor het-woorden (zoals 'het antwoord') gebruik je ook 'simpele'.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijken' gebruik je altijd 'simpel'. Bijvoorbeeld: 'De opdracht is simpel.' of 'Het wordt simpel.'
Vergrotende trap
Als je iets vergelijkt, gebruik je 'simpeler'. Bijvoorbeeld: 'Dit is simpeler dan dat.' Je kunt ook zeggen: 'Dit is een simpeler manier.'
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Voor de overtreffende trap gebruik je 'simpelste' als het voor een zelfstandig naamwoord staat (bijv. 'de simpelste oplossing'). Als het na het werkwoord komt, gebruik je 'simpelst' (bijv. 'Dit is het simpelst.').
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- spelling:In de stellende trap kan 'simpel' ook 'simpele' zijn voor het-woorden (bijv. 'het simpele antwoord').
- usage:'Simpels' wordt soms informeel gebruikt, maar 'simpele' is gebruikelijker.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.