Slank
Bijvoeglijk naamwoordA1
Attributieve vormen
Als je zegt 'de slanke man' of 'een slanke vrouw', gebruik je 'slanke' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na 'is' of 'wordt' gebruik je altijd 'slank': Hij is slank.
Vergrotende trap
Als je twee mensen of dingen vergelijkt, gebruik je 'slanker': De man is slanker dan de vrouw.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Als je zegt wie de meeste slank is in een groep, gebruik je 'slankste': Zij is de slankste in de klas.
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:Gebruik 'slank' voor mensen of dingen die dun en fit zijn.
- spelling:De spelling verandert niet in de comparatieve en superlatieve vormen.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.