Bijvoeglijk naamwoord
Attributieve vormen
Als je zegt 'de sluwe vos' of 'een sluwe man', gebruik je 'sluwe' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- de sluwe
- "De sluwe vos steelt het eten."
- Met onbepaald lidwoord
- een sluwe
- "Hij is een sluwe man."
- Zonder lidwoord
- sluwe
- "Sluwe mensen kunnen goed plannen."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'sluw': De man is sluw.
Vergrotende trap
Als je vergelijkt, gebruik je 'sluwer': Deze wolf is sluwer dan de andere. Vergelijkingen maken kan ook met 'meer sluw', maar dat is minder gebruikelijk.
- Grondvorm
- sluwer
- "Deze hond is sluwer dan de andere."
- Met "dan"
- sluwer
- "Zij is sluwer dan haar zus."
Overtreffende trap
Als je zegt dat iets of iemand het hoogste niveau van sluwheid heeft, gebruik je 'de sluwste': Hij is de sluwste van allemaal.
- Attributief
- de sluwste
- "Hij is de sluwste in de klas."
- Predicatief
- sluwst
- "Zij is sluwst als het gaat om spelletjes."
Belangrijke opmerkingen
- usage:Het woord 'sluw' beschrijft iemand die slim en een beetje gemeen is.
- spelling:Let op de spelformules en vormen, vooral bij de vergrotende en overtreffende trap.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.