NEDERLANDS
🇳🇱

    Smakken

    B2uncommonZipf 2.4

    geluid; plof; vaartuig; werkwoord

    • de smak

      Zelfstandig naamwoord/'smɑk/

      geluid; plof

      enkelvoud

      smaksmakje

      meervoud

      smakkensmakjes
    • de smak

      Zelfstandig naamwoord/'smɑk/

      vaartuig

      enkelvoud

      smaksmakje

      meervoud

      smakkensmakjes
    • smakken

      Werkwoord/'smɑkən; 'smɑkə/

      infinitief

      smakken

      tegenwoordige tijd

      smaksmaktsmakken

      verleden tijd

      smaktesmakten

      tegenwoordig deelwoord

      smakkendsmakkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren