🇳🇱
hetZelfstandig naamwoord

Enkelvoudsvormen

Speelgoed is een oncountable noun en wordt vaak als singular gebruikt.

Bepaald (de/het)
het speelgoed
"Het speelgoed ligt op de grond."
Onbepaald (een)
een speelgoed
"Ik heb een speelgoed gekocht voor mijn zoon."
Zonder lidwoord
speelgoed
"Speelgoed is belangrijk voor kinderen."

Meervoudsvormen

Speelgoed heeft geen echte meervoudsvorm, maar we gebruiken vaak 'speelgoeds' in informele situaties.

Bepaald (de)
de speelgoed
"De speelgoed is duur in deze winkel."
Zonder lidwoord
speelgoeds
"Ik heb een paar speelgoed gekocht."

Verkleinwoord

het speelgoedje
"Dit speelgoedje is heel leuk."

Diminutief benadrukt schattigheid of kleinheid.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • speelgoedwinkel

    "Ik ga naar de speelgoedwinkel om iets te kopen."

    winkel waar je speelgoed koopt

  • speelgoedauto

    "De speelgoedauto rijdt snel."

    kleine auto van speelgoed

Veelgebruikte woordcombinaties

  • oud speelgoed

    "Ik heb oud speelgoed weggegeven."

    Oud speelgoed is vaak niet meer interessant voor kinderen.

  • nieuw speelgoed

    "Ik krijg nieuw speelgoed voor mijn verjaardag."

    Nieuw speelgoed is altijd spannend.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Speelgoed is meestal oncountable, maar in informele contexten wordt het soms als meervoud gebruikt.
  • register:Het woord 'speelgoed' is informeel en kan in alle registers gebruikt worden.
  • usage:Speelgoed wordt vaak besproken in de context van kinderen en hun spel.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.