NEDERLANDS
🇳🇱

Stoer

Bijvoeglijk naamwoordA2

Attributieve vormen

Als je 'stoer' gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord, verandert het vaak in 'stoere'. Bijvoorbeeld: 'een stoere auto' of 'de stoere jongen'. Als het zelfstandig naamwoord onzijdig is en geen lidwoord heeft, gebruik je soms 'stoer': 'stoer gedrag'.

Met bepaald lidwoord
Met onbepaald lidwoord
Zonder lidwoord

Predicatieve vorm

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'stoer'. Bijvoorbeeld: 'Hij is stoer' of 'Dat wordt stoer!'.

Vergrotende trap

Om te zeggen dat iets of iemand 'meer stoer' is, gebruik je 'stoerder'. Bijvoorbeeld: 'Zij is stoerder dan haar vriendin'. Je kunt ook 'dan' toevoegen om een vergelijking te maken: 'stoerder dan'.

Grondvorm
Met "dan"

Overtreffende trap

Voor de overtreffende trap (het meest stoer) gebruik je 'stoerste' als het voor een zelfstandig naamwoord staat: 'de stoerste jongen'. Als het na een werkwoord staat, gebruik je 'stoerst': 'Hij is het stoerst'.

Attributief
Predicatief

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Stoer' wordt vaak gebruikt om iemand te beschrijven die dapper, sterk of indrukwekkend overkomt, vooral bij jongens of mannen.
  • spelling:In de overtreffende trap verandert 'stoer' in 'stoerst' (predicatief) en 'stoerste' (attributief).

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.