NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Stokken
    Werkwoordaan stokken vastbinden
  • 22Stokken
    Werkwoordplotseling blijven haperen
  • 33Stok(de)
    Zelfstandig naamwoordlang stevig stuk hout

Bladeren

WoordenboekWoordenschatMijn woordenRecente woorden
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇳🇱
  • 11Stokken
    Werkwoordaan stokken vastbinden
  • 22Stokken
    Werkwoordplotseling blijven haperen
  • 33Stok(de)
    Zelfstandig naamwoordlang stevig stuk hout
  1. NEDERLANDS
  2. /Woordenboek
  3. /Stok
WoordenboekStok

Stok

  • stokken

    Werkwoord

    aan stokken vastbinden

    1. Planten aan stokken vastbinden zodat ze rechtop blijven staan.We stokken de bonen elk jaar rond deze tijd.
  • stokken

    Werkwoord

    plotseling blijven haperen

    1. Plotseling ophouden of haperen, vaak van een gesprek, adem of beweging.De motor stokt elke keer als ik optrek.
  • destok

    Zelfstandig naamwoord

    lang stevig stuk hout

    1. Een langwerpig, stevig stuk hout of ander materiaal dat je in de hand kunt houden.Die stok is te kort.
    2. Een wandelstok waarop iemand leunt bij het lopen.Mijn opa loopt tegenwoordig met een stok.
    3. Een dunne staaf in een kooi waarop vogels zitten.Kijk, de vogel zit weer op z'n stok.

Blijf leren

Meer A1-woordenOefenen