🇳🇱

Stok

deZelfstandig naamwoordA1
1
Simple
Perfect Tense
17e-eeuws Nederlands tafereel van persoon die met een houten stok een bal uit een boomtak haalt
2
Present Tense
Oudere vrouw leunt op houten wandelstok in surrealistisch trappenhuis met optische illusie, geïnspireerd op M.C. Escher
3
Informal
17e-eeuwse Nederlandse interieurscène met elegante vogelkooi en zingende groene parkiet op dunne houten stok

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.