Enkelvoudsvormen
Het zelfstandig naamwoord 'stort' verwijst naar iets dat gestort wordt, zoals vuil of materialen.
- Bepaald (de/het)
- de stort
- "De stort is groot."
- Onbepaald (een)
- een stort
- "Een stort is te vinden in de stad."
- Zonder lidwoord
- stort
- "Stort is belangrijk voor het milieu."
Meervoudsvormen
De pluralisvorm 'storten' geeft meerdere storingen aan.
- Bepaald (de)
- de storten
- "De storten zijn interessant."
- Zonder lidwoord
- storten
- "Er zijn veel storten in Nederland."
Verkleinwoord
Gebruik van 'stortje' geeft een schattige of kleine betekenis.
informeel
Veelgebruikte samenstellingen
stortplaats
"De stortplaats is buiten de stad."
plaats waar iets wordt gestort
stortbak
"De stortbak is vol met materialen."
bak waarin iets gestort wordt
Veelgebruikte woordcombinaties
stortgeld
"Je moet stortgeld betalen bij de stort."
Dit is het geld dat je betaalt voor het storten van spullen.
afval stort
"Afval stort is belangrijk voor recycling."
Dit verwijst naar de plaats waar afval wordt gestort.
Belangrijke opmerkingen
- countability:'Stort' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
- usage:'Stort' wordt vaak gebruikt om te verwijzen naar storten van afval of materialen.
- register:'Stort' is informeel of neutraal, afhankelijk van de context.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.