🇳🇱
hetZelfstandig naamwoord

Enkelvoudsvormen

Het zelfstandig naamwoord 'stort' verwijst naar iets dat gestort wordt, zoals vuil of materialen.

Bepaald (de/het)
de stort
"De stort is groot."
Onbepaald (een)
een stort
"Een stort is te vinden in de stad."
Zonder lidwoord
stort
"Stort is belangrijk voor het milieu."

Meervoudsvormen

De pluralisvorm 'storten' geeft meerdere storingen aan.

Bepaald (de)
de storten
"De storten zijn interessant."
Zonder lidwoord
storten
"Er zijn veel storten in Nederland."

Verkleinwoord

stortje
"Dat stortje is klein."

Gebruik van 'stortje' geeft een schattige of kleine betekenis.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • stortplaats

    "De stortplaats is buiten de stad."

    plaats waar iets wordt gestort

  • stortbak

    "De stortbak is vol met materialen."

    bak waarin iets gestort wordt

Veelgebruikte woordcombinaties

  • stortgeld

    "Je moet stortgeld betalen bij de stort."

    Dit is het geld dat je betaalt voor het storten van spullen.

  • afval stort

    "Afval stort is belangrijk voor recycling."

    Dit verwijst naar de plaats waar afval wordt gestort.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:'Stort' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
  • usage:'Stort' wordt vaak gebruikt om te verwijzen naar storten van afval of materialen.
  • register:'Stort' is informeel of neutraal, afhankelijk van de context.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.