Straffen
Hulpwerkwoord
hebben
regelmatig werkwoord
Het werkwoord 'straffen' wordt vaak gebruikt in contexten van discipline, rechtspraak of opvoeding. Het kan zowel letterlijk (bijv. een boete geven) als figuurlijk (bijv. een strenge blik) worden gebruikt.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De rechter straft de crimineel met een boete.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
De ouders straften hun kind omdat het loog.
verleden tijd, aantonende wijs
Hij heeft zijn hond gestraft voor het vernielen van de bank.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Straf je broer niet te streng!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.