Stutten
Hulpwerkwoord
hebben
zwak werkwoord (regelmatig)
Het werkwoord 'stutten' wordt vaak gebruikt in de context van bouw, constructie of het ondersteunen van fysieke structuren.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De bouwvakkers stutten de muur voordat ze verder gaan met bouwen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Ik heb de plank gestut om te voorkomen dat hij doorzakt.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Stut de ladder goed, anders valt hij om!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.