🇳🇱

Taai

Bijvoeglijk naamwoordC1

Attributieve vormen

Als je 'taai' gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord, verandert het vaak in 'taaie'. Bijvoorbeeld: 'een taaie man' of 'de taaie koek'. Dit geldt voor zowel de- als het-woorden.

Met bepaald lidwoord
Met onbepaald lidwoord
Zonder lidwoord

Predicatieve vorm

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'taai'. Bijvoorbeeld: 'De stof is taai' of 'Het vlees wordt taai'.

Vergrotende trap

Om te zeggen dat iets taaier is dan iets anders, gebruik je 'taaier'. Bijvoorbeeld: 'Deze taart is taaier dan die taart'. Je kunt ook 'dan' toevoegen: 'Dit materiaal is taaier dan plastic'.

Grondvorm
Met "dan"

Overtreffende trap

Voor het overtreffende trap gebruik je 'taaiste' als het voor een zelfstandig naamwoord staat: 'de taaiste worst'. Als het na een werkwoord staat, gebruik je 'taaist': 'Dit is het taaist'.

Attributief
Predicatief

Belangrijke opmerkingen

  • spelling:Bij de stellende trap in attributief gebruik (voor een zelfstandig naamwoord) gebruik je 'taaie' in plaats van 'taai'.
  • usage:'Taai' kan zowel fysieke eigenschappen (zoals voedsel) als mentale eigenschappen (zoals doorzettingsvermogen) beschrijven.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.