Tegenhouden
Hulpwerkwoord
hebben
scheidbaar werkwoord, onregelmatig in verleden tijd
Het werkwoord 'tegenhouden' betekent fysiek of figuurlijk iets of iemand stoppen of verhinderen. Het kan zowel letterlijk (bijv. een deur tegenhouden) als figuurlijk (bijv. een beslissing tegenhouden) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
jij / je
hij, zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik houd de deur tegen zodat hij niet dichtvalt.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Zij hielden de demonstranten tegen bij de brug.
verleden tijd, aantonende wijs
De politie heeft de verdachte tegengehouden voordat hij kon vluchten.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Houd die bal tegen!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.