NEDERLANDS
🇳🇱

Telefoonnummer

hetZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

Het woord 'telefoonnummer' wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als je het over één nummer hebt. Het is een concreet zelfstandig naamwoord dat telbaar is.

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

In het meervoud gebruik je 'telefoonnummers' als je het over meerdere nummers hebt. Bijvoorbeeld: 'Ik heb drie telefoonnummers opgeschreven.'

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het verkleinwoord wordt informeel gebruikt, vaak om vriendelijkheid of vertrouwdheid uit te drukken. Het kan ook een beetje speels klinken.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • mobiel telefoonnummer

    telefoonnummer van een mobiele telefoon

  • vast telefoonnummer

    telefoonnummer van een vaste telefoon

  • telefoonnummerboek

    boek met telefoonnummers

Veelgebruikte woordcombinaties

  • opgeven

    Vaak gebruikt in formele situaties, zoals bij inschrijvingen of formulieren.

  • noteren

    Gebruikt wanneer je een telefoonnummer opschrijft, vaak in informele of neutrale contexten.

  • veranderen

    Gebruikt wanneer een telefoonnummer gewijzigd wordt.

  • vergeten

    Gebruikt wanneer iemand zijn eigen telefoonnummer niet meer weet, vaak in informele contexten.

Belangrijke opmerkingen

  • usage:In het dagelijks taalgebruik wordt 'telefoonnummer' vaak afgekort tot 'nummer' als het duidelijk is dat het om een telefoonnummer gaat. Bijvoorbeeld: 'Wat is je nummer?'
  • countability:'Telefoonnummer' is telbaar. Je kunt dus zeggen: 'één telefoonnummer', 'twee telefoonnummers', enzovoort.
  • register:In formele teksten of gesprekken wordt vaak de volledige vorm 'telefoonnummer' gebruikt, terwijl in informele gesprekken soms 'nummer' volstaat.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.