🇳🇱

Tent

deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

Gebruik 'de tent' voor het bepaalde enkelvoud; zonder lidwoord is de vorm simpelweg 'tent'.

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

Het meervoud wordt gevormd door -en toe te voegen: 'tenten'.

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Een klein of gezellig tentje; ook informeel voor een gezellig café of kroegje.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • legertent

    grote tent voor het leger

  • feesttent

    grote tent voor een feest of evenement

  • circustent

    grote koepeltent waarin een circus optreedt

  • tentstok

    stok om een tent overeind te houden

Veelgebruikte woordcombinaties

  • opzetten

    Standaardwerkwoord voor het klaarzetten van een tent.

  • afbreken

    Het tegenovergestelde van opzetten: de tent weer weghalen.

  • gezellige

    Typisch gebruik in de informele betekenis 'café' of 'kroeg'.

  • kamperen

    Kamperen is bijna altijd gekoppeld aan slapen in een tent.

Belangrijke opmerkingen

  • usage:Informeel verwijst 'tent' vaak naar een café, club of restaurant, bijvoorbeeld 'een leuke tent'.
  • countability:Tent is telbaar en komt zowel in het enkelvoud als in het meervoud voor.
  • register:In de betekenis 'uitgaansgelegenheid' is 'tent' informeel; in formele taal gebruik je liever 'café', 'restaurant' of 'club'.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.