NEDERLANDS
🇳🇱

Terrassen

WerkwoordA2

Hulpwerkwoord

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'terrassen' betekent buiten zitten op een terras, vaak om te eten, drinken of ontspannen. Het wordt vooral gebruikt in informele contexten en is typisch voor de Nederlandse cultuur van buiten leven in de zomer.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik terras elke zaterdag met mijn collega's na het werk.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij hebben de hele middag geterrast in de zon.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Terras hier, het is hier veel gezelliger!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Hij terraste vorige week in Barcelona met zijn familie.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Het is fijn dat we vandaag kunnen terrassen ondanks de regen.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.