Enkelvoudsvormen
Tijd verwijst naar een periode of moment.
- Bepaald (de/het)
- de tijd
- "De tijd vliegt."
- Onbepaald (een)
- een tijd
- "Een tijd geleden was ik op vakantie."
- Zonder lidwoord
- tijd
- "Tijd is kostbaar."
Meervoudsvormen
Tijden wordt gebruikt voor verschillende periodes of in verschillende contexten.
- Bepaald (de)
- de tijden
- "De tijden veranderen."
- Zonder lidwoord
- tijden
- "Er zijn verschillende tijden in de geschiedenis."
Verkleinwoord
Diminutief 'tijdje' geeft aan dat het om een korte tijd gaat.
formeel/informeel
Veelgebruikte samenstellingen
tijdstip
"We moeten het tijdstip van de vergadering nog bepalen."
specifiek moment in de tijd
tijdbesparing
"Tijdbesparing is belangrijk in ons werk."
efficiënt omgaan met tijd
Veelgebruikte woordcombinaties
tijd voor
"Het is tijd voor lunch."
'Tijd voor' gebruik je om aan te geven dat iets moet gebeuren.
geen tijd hebben
"Ik heb geen tijd om te chatten."
Deze uitdrukking gebruik je als je druk bent.
Belangrijke opmerkingen
- countability:Het woord 'tijd' is niet telbaar, maar kan in sommige contexten als telbaar worden gezien bij 'tijden'.
- register:Het woord 'tijd' wordt in zowel formele als informele situaties gebruikt.
- usage:Tijd kan in verschillende uitdrukkingen en combinaties voorkomen.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.