NEDERLANDS
🇳🇱

Tin

hetZelfstandig naamwoordA2

Enkelvoudsvormen

'Tin' wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als het gaat om het materiaal zelf (een onzijdig zelfstandig naamwoord). Bijvoorbeeld: 'Tin is zacht.'

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

Het meervoud 'tinnen' wordt gebruikt om te verwijzen naar meerdere voorwerpen gemaakt van tin, zoals 'tinnen bekers' of 'tinnen figuurtjes'.

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het verkleinwoord 'tintje' wordt vaak gebruikt om een kleine hoeveelheid tin of een klein voorwerp van tin aan te duiden, vaak met een affectieve of informele ondertoon.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • tinerts

    Een mineraal dat tin bevat.

  • tinlegering

    Een mengsel van tin met andere metalen.

  • tinfolie

    Dunne folie gemaakt van tin, vaak gebruikt in de keuken.

Veelgebruikte woordcombinaties

  • soldeer

    'Soldeer' is een materiaal dat vaak tin bevat en wordt gebruikt om metalen onderdelen aan elkaar te verbinden.

  • voorwerp

    'Voorwerp' wordt vaak gebruikt om fysieke objecten van tin aan te duiden, zoals decoraties of gebruiksvoorwerpen.

  • industrie

    'Industrie' verwijst naar de economische sector die zich bezighoudt met de winning en verwerking van tin.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:'Tin' als materiaal is niet-telbaar (uncountable). Bijvoorbeeld: 'Ik heb tin nodig.' Wanneer het gaat om voorwerpen gemaakt van tin, is het wel telbaar: 'Ik heb drie tinnen bekers.'
  • usage:In het dagelijks taalgebruik wordt 'tinfolie' vaak vervangen door 'aluminiumfolie', hoewel 'tinfolie' technisch gezien van tin is gemaakt.

Blijf leren

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.