Tissue
Enkelvoudsvormen
'Tissue' is een zelfstandig naamwoord dat meestal in het enkelvoud wordt gebruikt als je het over één stuk hebt. Het is een leenwoord uit het Engels en wordt in het Nederlands vaak gebruikt in plaats van 'zakdoek'.
- Bepaald (de/het)
- Onbepaald (een)
- Zonder lidwoord
Meervoudsvormen
De meervoudsvorm van 'tissue' is 'tissues'. Dit gebruik je als je het over meerdere tissues hebt.
- Bepaald (de)
- Zonder lidwoord
Verkleinwoord
Het diminutief 'tissuetje' wordt vaak gebruikt om vriendelijk of beleefd om een tissue te vragen, vooral in informele situaties. Het klinkt zachter en minder direct.
informeel
Veelgebruikte samenstellingen
papieren tissue
een tissue gemaakt van papier
tissuepapier
dun papier dat vaak gebruikt wordt voor tissues of verpakkingen
tissuedoos
een doos waarin tissues bewaard worden
Veelgebruikte woordcombinaties
neus snuiten
'Neus snuiten' is een vaste combinatie met 'tissue'. Het betekent je neus schoonmaken met een tissue.
zakdoek
'Zakdoek' is een synoniem voor 'tissue', maar een zakdoek is vaak van stof en herbruikbaar, terwijl een tissue meestal van papier is en weggegooid wordt.
verkouden
'Verkouden' wordt vaak gebruikt in combinatie met 'tissue' omdat je tissues nodig hebt als je verkouden bent.
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Tissue' wordt vaak gebruikt in plaats van 'zakdoek', vooral als het om papieren zakdoeken gaat. Het is een alledaags woord dat iedereen begrijpt.
- countability:'Tissue' is telbaar. Je kunt één tissue hebben of meerdere tissues. Het wordt zelden in het enkelvoud zonder lidwoord gebruikt (bijv. 'Tissue is handig').
- irregular:De meervoudsvorm 'tissues' wordt gevormd door simpelweg een 's' toe te voegen, wat regelmatig is voor leenwoorden in het Nederlands.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.