🇳🇱
deZelfstandig naamwoordA2

Enkelvoudsvormen

Het woord 'trap' wordt gebruikt voor een constructie waarmee mensen naar boven of naar beneden kunnen gaan.

Bepaald (de/het)
de trap
"De trap is steil."
Onbepaald (een)
een trap
"Ik heb een trap gezien."
Zonder lidwoord
trap
"Trap is een onderdeel van het huis."

Meervoudsvormen

De meervoudsvorm is 'trappen', die verwijst naar meerdere van deze constructies.

Bepaald (de)
de trappen
"De trappen zijn glad."
Zonder lidwoord
trappen
"Er zijn moeilijk trappen in het gebouw."

Verkleinwoord

trapje
"Ik zag een klein trapje."

Diminutief 'trapje' kan schattig of minder belangrijk betekenen.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • traplift

    "Zij heeft een traplift nodig."

    een lift voor trappen

  • trapleuning

    "De trapleuning is gebroken."

    de leuning aan de trap

Veelgebruikte woordcombinaties

  • trap op

    "Hij loopt de trap op."

    'Trap op' betekent omhoog lopen.

  • trap af

    "Zij komt de trap af."

    'Trap af' betekent omlaag lopen.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Trap is een telbaar zelfstandig naamwoord, we kunnen meerdere trappen tellen.
  • usage:Het woord 'trap' wordt vaak gebruikt in de context van gebouwen, huizen, en architectuur.
  • register:Informeel gebruik is populair, maar het kan ook formeel zijn, vooral in bouwkunde.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.