🇳🇱

Trekken

Hulpwerkwoord

hebben

onregelmatig werkwoord, sterk werkwoord (verandering van klinker in de verleden tijd)

Het werkwoord 'trekken' kan zowel letterlijk (fysiek trekken) als figuurlijk (aandacht trekken) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik trek mijn schoenen aan voordat ik naar buiten ga.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft gisteren de hele dag aan de auto getrokken om hem te repareren.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Trek niet zo hard aan dat touw, het kan breken!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Zij trokken vorig jaar door Zuid-Amerika.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • De trekkende wolken gaven een mooi schouwspel aan de hemel.

    onvoltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.