NEDERLANDS
🇳🇱

Tunnel

deZelfstandig naamwoordA2

Enkelvoudsvormen

Het woord 'tunnel' wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als je het hebt over één specifieke tunnel. Bijvoorbeeld: 'Deze tunnel is nieuw.'

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

Het meervoud 'tunnels' gebruik je als je het over meerdere tunnels hebt. Bijvoorbeeld: 'Er zijn veel tunnels in deze regio.'

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het tunneltje wordt vaak gebruikt om iets kleins of schattigs aan te duiden, zoals een speeltunnel of een kleine doorgang.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • spoortunnel

    Een tunnel speciaal voor treinen.

  • autotunnel

    Een tunnel voor auto's.

  • tunnelvisie

    Een manier van denken waarbij je alleen let op één ding en de rest negeert (figuurlijk gebruik).

Veelgebruikte woordcombinaties

  • door de tunnel rijden

    Een veelvoorkomende uitdrukking om aan te geven dat je een tunnel passeert.

  • lange tunnel

    Tunnels worden vaak beschreven op basis van hun lengte.

  • donkere tunnel

    Tunnels worden vaak geassocieerd met duisternis.

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Tunnel' kan zowel letterlijk (een fysieke tunnel) als figuurlijk (bijv. 'tunnelvisie') gebruikt worden.
  • countability:'Tunnel' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt dus zeggen 'één tunnel', 'twee tunnels', enzovoort.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.