Uitschrijven
Hulpwerkwoord
hebben
scheidbaar werkwoord, regelmatig in de tegenwoordige tijd, onregelmatig in de verleden tijd
Het werkwoord 'uitschrijven' betekent officieel stoppen met een lidmaatschap, abonnement of registratie. Het kan ook gebruikt worden in de context van het verwijderen van gegevens (bijv. een auto uitschrijven bij de RDW).
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
ik
jij / je
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Ik schrijf me uit voor de nieuwsbrief omdat ik te veel e-mails krijg.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Heb je je al uitgeschreven voor de workshop?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Schrijf je uit als je niet meer wilt deelnemen!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Zij schreef haar zoon uit voor de voetbalclub toen hij besloot te stoppen.
verleden tijd, aantonende wijs
Het is belangrijk dat u zich uitschrijft als u verhuist.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.