Uzelf
Personal
reflexief voornaamwoord (tweede persoon enkelvoud, formeel)
onderwerp of lijdend voorwerp (tweede persoon enkelvoud, formeel)
meewerkend voorwerp (tweede persoon enkelvoud, formeel)
bezittelijk voornaamwoord (tweede persoon enkelvoud, formeel)
Positieregels
Reflexieve voornaamwoorden staan direct na het werkwoord of aan het einde van de zin.
'Uzelf' komt na het werkwoord als het een opdracht is (imperatief) of na het onderwerp in een normale zin.
In vragen komt 'u' vaak direct na het werkwoord.
In vraagzinnen staat het onderwerp ('u') meestal na de persoonsvorm.
In combinatie met een voorzetsel staat 'u' (niet 'uzelf').
'Uzelf' gebruik je alleen als het terugslaat op het onderwerp van de zin.
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Uzelf' gebruik je alleen als het onderwerp van de zin 'u' is en het terugslaat op dezelfde persoon. Bijvoorbeeld: 'U vergist uzelf' (niet: *Ik vergis uzelf).
- formal:'U' en 'uzelf' zijn formeel. Gebruik ze tegen onbekenden, ouderen, of in zakelijke situaties. Informeel gebruik je 'jij' of 'jou'/'jezelf'.
- informal:Informeel zeg je 'jezelf' in plaats van 'uzelf'. Bijvoorbeeld: 'Jij moet jezelf voorstellen.'
- usage:Veel Nederlanders vinden het lastig om 'u' en 'uw' correct te gebruiken. Let op: 'uw' is bezittelijk (jouw/je), 'u' is persoonlijk (jij/je).
- usage:Combinaties met 'uzelf': 'voor uzelf', 'door uzelf', 'aan uzelf'. Bijvoorbeeld: 'U kookt voor uzelf.'
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.