NEDERLANDS
🇳🇱

Vastbinden

WerkwoordA2

Hulpwerkwoord

hebben

scheidbaar werkwoord, onregelmatig (verleden tijd: bond vast)

Het werkwoord 'vastbinden' wordt vaak gebruikt in contexten waar iets of iemand stevig moet worden bevestigd of vastgemaakt, zoals touwen, dieren, of voorwerpen.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

  • jij / je

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Voorbeelden

  • Ik bind de hond altijd vast als er bezoek komt.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij bond het touw stevig vast rond de paal.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • We hebben de fietsen vastgebonden voordat we weggingen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Bind de boot goed vast, anders drijft hij weg!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.