NEDERLANDS
🇳🇱

Vasthouden

WerkwoordA2

Hulpwerkwoord

hebben

scheidbaar werkwoord, onregelmatig in verleden tijd

Kan zowel letterlijk (fysiek vasthouden) als figuurlijk (bijv. aan tradities vasthouden) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

  • jij / je

  • hij, zij / ze, het

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • hij, zij / ze, het

  • hij, zij / ze, het

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

  • jij / je

Voorbeelden

  • Ik houd mijn tas stevig vast in de drukke trein.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij hielden elkaar vast tijdens de aardbeving.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Heb je de instructies goed vastgehouden?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Houd vast aan je dromen, ook als het moeilijk wordt.

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • De vasthoudende student bleef net zo lang oefenen tot hij het snapte.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.