NEDERLANDS
🇳🇱

Verbranden

WerkwoordA1

Hulpwerkwoord

hebben

regelmatig werkwoord (met uitzondering van enkele sterke vormen in verleden tijd)

Kan zowel letterlijk (vuur) als figuurlijk (emoties) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik verbrand altijd mijn tong aan de koffie.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Gisteren verbrandde ik de taart in de oven.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Heb je ooit je vingers verbrand tijdens het koken?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Verbrand het afval niet binnen!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.