Vergeven
Hulpwerkwoord
hebben
onregelmatig werkwoord
Het werkwoord 'vergeven' drukt het loslaten van wrok of boosheid uit en wordt vaak gebruikt in contexten van verzoening of emotionele verwerking.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
jullie
Voorbeelden
Ik vergeef je omdat ik van je hou.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij vergaf zijn broer na jaren van stilte.
verleden tijd, aantonende wijs
Vergeef me alsjeblieft!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Zij heeft hem nooit vergeven voor zijn leugen.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Moge God ons onze zonden vergeven.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.