Verplichten
Hulpwerkwoord
hebben
zwak werkwoord (regelmatig met -te(n) in de verleden tijd)
Het werkwoord 'verplichten' wordt vaak gebruikt in formele contexten, zoals wetgeving, regels of afspraken. Het drukt een verplichting of dwang uit.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De overheid verplicht alle burgers om belasting te betalen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
De school heeft de leerlingen verplicht een mondkapje te dragen.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Als je hier werkt, verplicht je jezelf om op tijd te komen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
De leraar verplichtte de leerlingen om hun telefoons uit te zetten.
verleden tijd, aantonende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.