Verricht
Attributieve vormen
Als je 'verricht' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je 'verrichte' als het zelfstandig naamwoord een de-woord is (bijv. 'de verrichte taak'). Bij een het-woord gebruik je ook 'verricht' (bijv. 'het verricht werk').
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na werkwoorden zoals 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'verricht'. Bijvoorbeeld: 'Het werk is verricht.'
Vergrotende trap
Om te vergelijken gebruik je 'meer verricht'. Bijvoorbeeld: 'Dit rapport is meer verricht dan het vorige.' Je gebruikt geen '-er' vorm omdat 'verricht' geen standaard vergrotende trap heeft.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Voor de overtreffende trap gebruik je 'meest verricht'. Bijvoorbeeld: 'Dit is het meest verricht onderzoek.' Je gebruikt geen '-st' vorm omdat 'verricht' geen standaard overtreffende trap heeft.
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Verricht' wordt vooral gebruikt in formele of technische contexten, zoals werk, taken of onderzoeken. Het is geen alledaags bijvoeglijk naamwoord.
- spelling:In de stellende trap verandert 'verricht' niet in geslacht of getal (bijv. 'verricht werk', 'verrichte taak').
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.