Verstellen
Hulpwerkwoord
hebben
overgankelijk werkwoord
Het werkwoord 'verstellen' betekent het aanpassen van iets (bijvoorbeeld kleding, meubels of apparaten) zodat het beter past of functioneert.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
jij / je
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Ik verstel mijn horloge omdat het achterloopt.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Zij heeft de jurk versteld voor het feest.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Verstel de stoel voordat je gaat zitten!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Als hij de stoel verstelle, zou hij comfortabeler zitten.
onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.