Verteren
Hulpwerkwoord
hebben
regelmatig werkwoord
Het werkwoord 'verteren' wordt vaak gebruikt in de context van spijsvertering of het omzetten van voedsel in energie, maar kan ook figuurlijk gebruikt worden voor het verwerken van informatie of emoties.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Mijn maag kan vet eten niet goed verteren.
tegenwoordige tijd, indicatief
Na het eten heb ik mijn maaltijd verteerd.
voltooid tegenwoordige tijd, indicatief
Als je gezond eet, verteert je lichaam het voedsel beter.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.