Vertonen
Hulpwerkwoord
hebben
overgankelijk werkwoord
Het werkwoord 'vertonen' kan zowel letterlijk (bijv. een film vertonen) als figuurlijk (bijv. symptomen vertonen) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De bioscoop vertoont vanavond een nieuwe film.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft gisteren zijn paspoort vertoond bij de douane.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Het is noodzakelijk dat je je identiteitsbewijs vertoont.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Vertoon je ticket bij de ingang!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.