NEDERLANDS
🇳🇱

Vertonen

WerkwoordA2

Hulpwerkwoord

hebben

overgankelijk werkwoord

Het werkwoord 'vertonen' kan zowel letterlijk (bijv. een film vertonen) als figuurlijk (bijv. symptomen vertonen) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • De bioscoop vertoont vanavond een nieuwe film.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft gisteren zijn paspoort vertoond bij de douane.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Het is noodzakelijk dat je je identiteitsbewijs vertoont.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

  • Vertoon je ticket bij de ingang!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.