NEDERLANDS
🇳🇱

Verwachten

WerkwoordA2

Hulpwerkwoord

hebben

overgankelijk werkwoord

Het werkwoord 'verwachten' drukt een verwachting of aanname uit over iets dat in de toekomst zal gebeuren.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik verwacht dat je op tijd komt.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij verwachtte een telefoontje, maar het kwam niet.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Heb je de post al verwacht?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Verwacht niet dat alles vanzelf gaat.

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.