NEDERLANDS
🇳🇱

    Hulpwerkwoord

    hebben

    hebben; trans

    'Vloeren' komt vooral voor in sport- en informele contexten; het klinkt stoer en heeft een nadrukkelijke, resolute betekenis.

    Infinitief

    Tegenwoordige tijd

    • ik

    • jij / je

    • u

    • hij, zij / ze, het

    • wij / we, jullie, zij / ze

    Verleden tijd

    • ik, jij / je, hij, zij / ze, het

    • wij / we, jullie, zij / ze

    Voltooid deelwoord

    Tegenwoordig deelwoord

    Gebiedende wijs

    Aanvoegende wijs

    Voorbeelden

    • Zij vloert elke tegenstander met gemak.

      tegenwoordige tijd, indicatief

    • De bokser vloerde de uitdager in ronde twee.

      verleden tijd, indicatief

    • Hij heeft zijn rivaal helemaal gevloerd.

      voltooid tegenwoordige tijd, indicatief

    Blijf leren

    Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.