Vochtig
Attributieve vormen
Als je 'vochtig' gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord, verandert het soms. Bij 'de' of 'het' gebruik je 'vochtige': 'de vochtige lucht'. Bij 'een' gebruik je ook 'vochtige': 'een vochtige doek'. Zonder lidwoord gebruik je 'vochtig': 'vochtig weer'.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'vochtig'. Bijvoorbeeld: 'De muur is vochtig' of 'Het wordt vochtig in huis'.
Vergrotende trap
Om te zeggen dat iets natter is dan iets anders, gebruik je 'vochtiger'. Bijvoorbeeld: 'De badkamer is vochtiger dan de keuken'. Als je een vergelijking maakt, gebruik je 'dan': 'De handdoek is vochtiger dan gisteren'.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Om te zeggen dat iets het natst is van alles, gebruik je 'vochtigste' vóór een zelfstandig naamwoord: 'de vochtigste plek'. Na 'zijn' of 'worden' gebruik je 'vochtigst': 'De kelder is het vochtigst'.
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Vochtig' wordt vaak gebruikt om iets te beschrijven dat een beetje nat is, maar niet helemaal doorweekt. Bijvoorbeeld: 'De handdoek is vochtig na het zwemmen.'
- spelling:Let op: in de overtreffende trap gebruik je 'vochtigste' voor attributief gebruik (bijv. 'de vochtigste plek') en 'vochtigst' voor predicatief gebruik (bijv. 'de plek is het vochtigst').
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.