Volbrengen
Hulpwerkwoord
hebben
overgankelijk werkwoord
Het werkwoord 'volbrengen' wordt vaak gebruikt in formele of plechtige contexten om aan te geven dat iets met succes is afgerond, zoals taken, missies of doelen.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Ik volbreng mijn taken altijd op tijd.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Zij heeft haar missie volbracht.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Volbreng deze opdracht vandaag nog!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hij hoopt dat hij zijn doel volbrenge.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.