NEDERLANDS
🇳🇱

Voorsprong

deZelfstandig naamwoordA2

Enkelvoudsvormen

'Voorsprong' wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als het gaat om een algemene of specifieke voorsprong. Bijvoorbeeld: 'De voorsprong was beslissend.'

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

'Voorsprongen' wordt gebruikt als er meerdere specifieke voorsprongen bedoeld worden. Bijvoorbeeld: 'De verschillende voorsprongen van het team.'

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Het diminutief 'voorsprongetje' wordt gebruikt om een kleine of minder belangrijke voorsprong aan te geven, vaak met een vriendelijke of informele ondertoon.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • tijdvoorsprong

    voorsprong in tijd

  • puntenvoorsprong

    voorsprong in punten

  • technologische voorsprong

    voorsprong op technologisch gebied

Veelgebruikte woordcombinaties

  • hebben

    Het werkwoord 'hebben' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand of iets een voorsprong bezit.

  • behouden

    Het werkwoord 'behouden' wordt gebruikt om aan te geven dat iemand de voorsprong niet wil verliezen.

  • uitbouwen

    Het werkwoord 'uitbouwen' betekent dat de voorsprong groter gemaakt wordt.

  • verliezen

    Het werkwoord 'verliezen' geeft aan dat de voorsprong niet meer bestaat.

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Voorsprong' wordt vaak gebruikt in de context van wedstrijden, sport, competitie en zakelijke concurrentie.
  • countability:'Voorsprong' is meestal telbaar. Je kunt spreken van 'een voorsprong' of 'twee voorsprongen'.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.