Vroeg
Bijvoeglijk naamwoordA1
Attributieve vormen
Als je zegt 'de vroege trein' of 'een vroege afspraak', gebruik je 'vroege' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'vroeg': Het is vroeg.
Vergrotende trap
Gebruik 'vroeger' om te zeggen dat iets in het verleden was. Voor 'vroegere' gebruik je bij een zelfstandig naamwoord: 'de vroegere eigenaar'.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Voor de beste of hoogste graad gebruik je 'vroegst' na 'zijn': De afspraak is het vroegst.
- Attributief
- Predicatief
Blijf leren
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.