🇳🇱

Vroeg

Bijvoeglijk naamwoordA1

Attributieve vormen

Als je zegt 'de vroege trein' of 'een vroege afspraak', gebruik je 'vroege' vóór het zelfstandig naamwoord.

Met bepaald lidwoord
Met onbepaald lidwoord
Zonder lidwoord

Predicatieve vorm

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'vroeg': Het is vroeg.

Vergrotende trap

Gebruik 'vroeger' om te zeggen dat iets in het verleden was. Voor 'vroegere' gebruik je bij een zelfstandig naamwoord: 'de vroegere eigenaar'.

Grondvorm
Met "dan"

Overtreffende trap

Voor de beste of hoogste graad gebruik je 'vroegst' na 'zijn': De afspraak is het vroegst.

Attributief
Predicatief

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.