Enkelvoudsvormen
Het woord 'want' is een de-woord en is een zelfstandig naamwoord.
- Bepaald (de/het)
- de want
- "De want is een klein insect."
- Onbepaald (een)
- een want
- "Een want kan verschillende kleuren hebben."
- Zonder lidwoord
- want
- "Want is een soort insect."
Meervoudsvormen
De meervoudsvorm is 'wanten'.
- Bepaald (de)
- de wanten
- "De wanten zitten op de bladeren."
- Zonder lidwoord
- een paar wanten
- "Een paar wanten zijn in de tuin."
Verkleinwoord
Gebruik diminutief voor schattigheid of als het om jonge dieren gaat.
informeel
Veelgebruikte samenstellingen
wantenplaag
"In de zomer hebben we soms een wantenplaag."
een grote hoeveelheid wanten
wantenspecialist
"Hij is een wantenspecialist en kent veel soorten."
iemand die veel weet van wanten
Veelgebruikte woordcombinaties
twee wanten
"Twee wanten zijn in mijn tuin gevonden."
Hier gebruik je 'twee' om de hoeveelheid aan te geven.
kleine want
"De kleine want kruipt op de bladeren."
Het bijvoeglijk naamwoord 'kleine' benadrukt de grootte.
Belangrijke opmerkingen
- countability:'Want' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
- register:Gebruik in formele contexten in de biologie of ecologie.
- usage:Vaak gebruikt in informele gesprekken en teksten.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.