🇳🇱

Weggaan

Hulpwerkwoord

zijn

onregelmatig werkwoord, scheidbaar samengesteld werkwoord

'Weggaan' betekent vertrekken of ergens weggaan. Het kan zowel letterlijk (fysiek vertrekken) als figuurlijk (stoppen met iets) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik ga weg omdat ik hoofdpijn heb.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Gisteren ging hij weg zonder iets te zeggen.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Ga weg voordat het te laat is!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Zij is al weggegaan toen ik aankwam.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hoewel hij wegga, blijft het probleem bestaan.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.