Weiden
Hulpwerkwoord
hebben
regelmatig werkwoord (zwak werkwoord)
Het werkwoord 'weiden' wordt voornamelijk gebruikt in de context van veeteelt en landbouw, waarbij dieren (meestal schapen, koeien of geiten) in een weiland grazen.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De boer weidt zijn schapen elke dag in het veld.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Vroeger weidden de schapen hier altijd in de lente.
verleden tijd, aantonende wijs
De schapen hebben de hele dag geweid.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Weid de geiten voor het donker!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.