Wijden
Hulpwerkwoord
hebben
overgankelijk werkwoord (kan een lijdend voorwerp hebben)
Het werkwoord 'wijden' kan zowel letterlijk (bijv. een kerk wijden) als figuurlijk (bijv. tijd wijden aan een hobby) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u, wij / we, jullie, zij / ze
hij, zij / ze, het
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De burgemeester wijdde het nieuwe park in. (The mayor inaugurated the new park.)
verleden tijd, aantonende wijs
Ik wijd elke zaterdag aan het leren van Nederlands. (I dedicate every Saturday to learning Dutch.)
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Wijd je aandacht aan deze belangrijke taak! (Dedicate your attention to this important task!)
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Als hij zijn tijd aan vrijwilligerswerk zou wijden, zou dat geweldig zijn. (If he dedicated his time to volunteering, that would be great.)
onvoltooid verleden toekomende tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.