🇳🇱
Bijvoeglijk naamwoordA2

Attributieve vormen

Als je zegt 'de zenuwachtige kat' of 'een zenuwachtige hond', gebruik je 'zenuwachtige' vóór het zelfstandig naamwoord.

Met bepaald lidwoord
de zenuwachtige
"De zenuwachtige kat verstopte zich."
Met onbepaald lidwoord
een zenuwachtige
"Hij heeft een zenuwachtige hond."
Zonder lidwoord
zenuwachtig
"Zenuwachtig zijn is normaal voor een examen."

Predicatieve vorm

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'zenuwachtig': 'Zij is zenuwachtig.'

zenuwachtig
"Zij voelt zich zenuwachtig voor de presentatie."

Vergrotende trap

Bij de vergrotende trap gebruik je 'zenuwachtiger'. Bijvoorbeeld: 'Hij is zenuwachtiger voor het examen dan zijn vriend.'

Grondvorm
zenuwachtiger
"Hij is zenuwachtiger dan zijn zus."
Met "dan"
zenuwachtigere
"Zij is zenuwachtigere dan de andere leerlingen."

Overtreffende trap

Voor de overtreffende trap gebruik je 'zenuwachtigste'. Bijvoorbeeld: 'Zij is de zenuwachtigste in de klas.'

Attributief
de zenuwachtigste
"Hij is de zenuwachtigste van de groep."
Predicatief
zenuwachtigst
"Hij voelt zich het zenuwachtigst tijdens het examen."

Belangrijke opmerkingen

  • usage:Het woord 'zenuwachtig' wordt vaak gebruikt om een gevoel van nervositeit aan te geven.
  • irregular:Geen onregelmatigheden in de vervoeging.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.